De economie draait momenteel op volle toeren. Voor veel obligatiebeleggers is dit een opmaat naar een stijging van de rente. Oeps! Dit betekent een direct gevaar voor vermogensverlies onder obligatiebeleggers. Wat kun je doen om het effect van een rentestijging in de beleggingsportefeuille tegen te gaan?

De Nederlandse consument kruipt uit zijn schulp en lijkt zin te hebben om geld uit te geven. Alle economische cijfers doen denken aan de jaren van voor de financiële crisis. Ook de werkgelegenheid verbetert zienderogen en de huizenmarkt floreert. Zou dit niet ook een stijgende rente moeten betekenen?

Korte termijn stijging rente

In principe wel. Economische voorspoed gaat vaak gepaard met een stijging van prijzen en daarmee ook rente. Allereerst zullen we moeten constateren dat de kans op een stijging van de kapitaalmarktrente vrij groot is. Het rendement op Duitse Staatsobligaties met een gemiddelde 10-jarige looptijd is slechts een half procent. In 2016 was deze nog negatief! We spreken daarom al van een stijging op korte termijn.

Koersdaling obligaties mogelijk

De kans dat de rente snel naar normale niveaus tendeert is echter ontzettend klein. Sterker nog, een normaal niveau van rente tussen de 3% en 5% is nu zelfs ondenkbaar. Maar wat we wel moeten weten is dat het effect van een – op het oog – kleine stijging, echter enorme gevolgen heeft voor veel beleggers. En dan hebben we het over een desastreus effect op de beleggingen. Normale obligaties met een looptijd van 7 tot 10 jaar en een acceptabele kredietwaardigheid kunnen bij een stijging van de rente met 100 basispunten (1%) zomaar 10% of meer van hun marktwaarde verliezen.

Inflatie blijft laag

Zicht op een normalisatie van de rente is en blijft nog ver weg. De reden van deze aanname is dat onze inflatie laag blijft. Uw auto wordt niet langer ergens in China gemaakt. Nee, uw auto wordt over de hele wereld gemaakt. Hierdoor blijven voor veel producten de prijzen laag. Ook automatisering en robotisering zorgen ervoor dat veel productieprocessen niet bijdragen aan een verhoging van prijzen. Robotisering draagt er ook toe bij dat looneisen achterblijven bij de economische conjunctuur. En juist de loonstijging moet inflatie stimuleren.

Wat te doen?

Een kans op een grote stijging van de rente lijkt daarmee klein. Dat neemt niet weg dat de rente aan het einde van dit jaar zomaar 100 basispunten (1%) gestegen kan zijn. Het gevolg hiervan is dat  obligatiebelegger geconfronteerd wordt met een minimaal rendement tegenover een maximaal risico. Wat te doen?

Allereerst kan de belegger blijven speuren naar goede hoogrenderende obligaties. Deze zijn echter figuurlijk op één hand te tellen en vaak zijn er meerdere risico’s Pas daarom op, zorg voor spreiding en houdt individuele belangen klein.

Ten tweede kan de belegger de looptijd verkorten. Wie is veroordeeld tot een belegging in obligaties moet de portefeuille beschermen tegen de gevoeligheid van obligaties op een beweging van de rente. Een simpele regel is; hoe korter de looptijd, des te minder afhankelijk de obligatielening is van een stijging van rente. Dit is een noodzakelijke, maar lastige beslissing. De rentevergoeding op kortlopende obligaties is namelijk nog veel kleiner.

Ten derde moet de belegger niet de illusie hebben dat inflation linked obligaties een uitweg vormen voor een stijging van de rente. Inflation Linked wil zeggen dat de belegger een rendement ontvangt dat is gekoppeld aan het niveau van de inflatie. Er zijn legio van dit soort obligaties. De voorwaarden bepalen succes of falen. Wees daarom kritisch op de voorwaarden.
Een ander groot nadeel is dat de looptijd vaak extreem lang is. Het blijft een belegging met een hoog speculatiegehalte op inflatie. De uitkeringen blijven voorwaardelijk en dat kunnen veel beleggers zich niet permitteren.

Beschermd beleggen

Een laatste alternatief voor een stijging van de rente is iets heel anders. Beleg in Financiële Waarden in combinatie met een (actieve) bescherming. Vooral banken, maar ook verzekeraars, profiteren in hun bedrijfsmodel van stijgende rentes. Daarbij is een belegging in banken voor veel beleggers jarenlang onbespreekbaar geweest. De financiële crisis heeft er behoorlijk ‘ingehakt’. De algemeen heersende aversie van beleggers tegen banken is nu echter aan het kenteren. Er is sprake van meer inzicht in de wijzen waarop banken en verzekeraars hun geld verdienen. Er is tevens meer zicht op de omvang van de verdiensten. Ook betere balansverhoudingen maken van de banken een veiliger haven dan voorheen. Nu winsten stijgen, zien we ook dividenden weer tenderen naar zeer aantrekkelijke niveaus.